Betaald educatief verlof
Het betaald educatief verlof vervangt het vroegere stelsel van de kredieturen. Het kan omschreven worden als zijnde het recht, toegekend aan een werknemer die voltijds tewerkgesteld is en die bepaalde algemene of beroepsopleidingen volgt, om op het werk afwezig te zijn, met behoud van het normale loon.
De volgende werknemers komen niet in aanmerking voor betaald educatief verlof:
- werknemers die behoren tot het onderwijzend personeel
- werknemers die tewerkgesteld zijn door de Staat, de gemeenschappen, de gewesten, de provincies, de verenigingen van provincies, de gemeenten, de verenigingen van gemeenten, de agglomeraties en federaties van gemeenten, de openbare instellingen die eronder ressorteren en de instellingen van openbaar nut
- werknemers die voor de gevolgde opleiding(en) een vergoeding voor sociale promotie vragen
Het is niet nodig dat er een verband bestaat tussen de opleiding die gevolgd wordt en de uitgeoefende opdracht bij de werkgever. Het is echter niet zo dat alle opleidingen, zelfs deze die speciaal bestemd zijn voor personen die in het beroepsleven staan, in aanmerking komen voor betaald educatief verlof. Om eventuele moeilijkheden te vermijden is het dus zeer belangrijk dat de werkgevers en de werknemers nagaan of de gevolgede opleidingen recht geven op betaald educatief verlof.
De werknemer heeft het recht om op het werk afwezig te zijn (met behoud van loon) gedurende het aantal uren dat overeenstemt met het aantal uren aanwezigheid in de lessen.
Een maximum is evenwel vastgesteld:
- 80 uren indien men een algemene opleiding volgt
- 80 uren indien men een taalcursus volgt
- 100 uren indien men een beroepsopleiding volgt
- 100 uren indien men zowel een algemene als een beroepsopleiding volgt
Indien de lesuren samenvallen met de normale werkuren worden deze maxima verhoogd tot respectievelijk 120 uren.
De werknemer moet een Getuigschrift van regelmatige inschrijving overhandigen aan de werkgever en dit ten laatste op 31 oktober van elk schooljaar. In geval van laattijdige inschrijving, na 31 oktober, moet dit gebeuren ten laatste binnen de 15 dagen na de inschrijving.
Trimestrieel bezorgt hij zijn werkgever het "Getuigschrift van aanwezigheid" dat door de instelling wordt afgeleverd. Hieruit moet blijken dat de werknemer minder dan 10 % van de werkelijk gegeven lesuren onwettig afwezig was.
Voor verder informatie kan u terecht op onderstaande website:
http://www.leerlink.be/leerlinkdyn/artikel.asp?pid=7135&artikel=55&rubriek=1


